Waterbrief Knapen: beleid gevormd vanuit ‘gezamenlijke ambitie’?

Het budget voor waterprogramma’s in ontwikkelingslanden stijgt van 156 miljoen euro in 2011 naar 254 miljoen euro in 2015. Daarnaast komt er een Young Expert Programme en zal er een nieuw Public Private Partnership (PPP) worden gestart ter waarde van 150 miljoen euro. Dat staat in de nieuwe Kamerbrief ‘Water voor ontwikkeling’ die afgelopen maandag werd gepresenteerd door staatssecretaris Knapen vanuit een testhal bij Deltares in Delft. Vice Versa was erbij en doet verslag van de presentatie en de belangrijkste punten uit het nieuwe waterbeleid: Nederlandse meerwaarde, focus en synergie.

In de uitnodiging werd gewaarschuwd voor de kou, maar dat was niet het enige dat opviel aan de locatie waar de presentatie van de Kamerbrief ‘Water voor ontwikkeling’ plaatsvond. Normaal gesproken staat de hal bij Deltares namelijk vol water. Er worden testen gedaan en situaties nagebootst met behulp van onder meer muren die golven genereren. De bijeenkomst werd dus middenin het innovatieve hart van de watersector gehouden. De belangrijkste boodschap van de Kamerbrief is dat er moet worden samengewerkt door de gehele watersector in Nederland. Opvallend zijn de nadruk op de bredere agenda van het ministerie van Buitenlandse Zaken, de flinke investeringen die worden gedaan op het gebied van kennis, en samenwerking met het bedrijfsleven.

Geen overheidsmonopolie

Vooral op het gebied van water kan ontwikkelingssamenwerking volgens staatssecretaris Knapen geen overheidsmonopolie zijn. Nederland heeft op watergebied veel meer te bieden dan enkel klassieke ODA (Official Development Aid), daarom moeten andere spelers bij het beleid worden betrokken. Water is het tweede speerpunt uit de Focusbrief dat door middel van een specifieke Kamerbrief verder wordt uitgewerkt. Tijdens de presentatie van de brief wil de staatsecretaris graag luisteren en de dialoog aangaan, zodat hij gewapend met kennis uit de sector ’s middags op weg kan naar Ghana en Benin.

Aan het begin van de bijeenkomst komt vooral het belang van samenwerking met het bedrijfsleven naar voren. Zo wordt een nieuw Public Private Partnership (PPP) aangekondigd ter waarde van 150 miljoen – verdeeld over vijf jaar – om de Nederlandse economische topsector ‘water’ nog meer bij het beleid te betrekken. Menno Holterman, bestuurslid van het Netherlands Water Partnership en voorzitter van stuurgroep Watertechnologie, wil binnen dit initiatief samen met Knapen ‘van aid trade maken’. Als het programma op z’n einde loopt verschuift het zwaartepunt van de discussie iets naar het betrekken van ‘de gehele keten’ bij het beleid. Samenwerking door onder meer beter gebruik te maken van de aanwezige Nederlandse platformen komt daarbij naar voren. Dit laatste blijkt hard nodig als twee organisaties er tijdens de discussie achter komen dat ze elkaar in Kenia goed zouden kunnen helpen.

Nederlandse meerwaarde

Nederland wil mondiaal koploper zijn op het gebied van water. De nadruk bij de presentatie en ook in de brief ligt op de meerwaarde die Nederland heeft door de aanwezige kennis en kunde op het gebied van water. ‘Gezien de kennis en ervaring die Nederland heeft op het gebied van water is het voor Nederland een kans en onze taak om aan waterbeheer, watervoorziening en sanitatie een fundamentele bijdrage te leveren.’, aldus Knapen in de Kamerbrief. In het beleidsstuk worden ook de focuspunten samengevat:

- Efficiënt waterbeheer, vooral in de landbouw,
- Verbeterd stroomgebied beheer en veilige delta’s
- Toegang tot drinkwater en sanitaire voorzieningen.

Met gepaste trots kondigt Knapen aan dat er een Young Expert Progamme zal worden gestart, waarbij jonge mensen naar het buitenland worden gestuurd om ervaring op te doen. Het programma moet er ook voor zorgen dat studenten op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op watergebied. Hierdoor kan de kennis die wordt geleverd door instituten als de Universiteit van Wageningen, UNESCO IHE (Institute for Water Education) en Deltares worden vergroot. De Nederlandse kennis is goed te relateren aan de huidige mondiale uitdagingen. Water is essentieel voor uiteenlopende kwesties; van voedselzekerheid en volksgezondheid tot economische groei en dreiging van conflicten (waterdiplomatie). Door de klimaatverandering worden al deze kwesties op scherp gezet. Hierdoor stijgt de vraag naar de Nederlandse kennis en kunde.

Synergie

Er zijn dus veel raakvlakken tussen het waterbeleid van OS en de bredere lijn van Buitenlandse Zaken. Het eerste uitgangspunt voor het beleid in de vijftien partnerlanden is dan ook synergie. Het ministerie van Buitenlandse Zaken wil een ‘makelaarsrol’ vervullen. Er moet leiderschap zijn, ‘maar niet in de zin van arrogantie’, zei Knapen afgelopen maandag. Als ‘makelaar’ heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken te maken met bilaterale en multilaterale relaties, andere Nederlandse departementen en vooral de Nederlandse watersector (kennisinstellingen, bedrijven en ngo’s). Van alle beschikbare kanalen wordt gebruik gemaakt, ook op financieel gebied.

Gezamenlijke ambitie

In de Kamerbrief spreekt Knapen van een gezamenlijke ambitie. Het waterbeleid wordt zowel vanuit armoedebestrijding als vanuit Nederlandse economische belangen gestuurd:

‘In het nieuwe beleid voor ontwikkelingssamenwerking zijn structurele armoede bestrijding en duurzame economische groei het uitgangspunt – of het nu gaat om productieve kleinschalige landbouw, een betere waterverdeling, bescherming tegen overstromingen of een verbeterde toegang tot veilig drinkwater en sanitatie. In het breder buitenlandse beleid staat het verbeteren van de economische positie van Nederland centraal, naast het voorkomen van conflicten en het bevorderen van de internationale rechtsorde. In het waterprogramma zoals dat er nu ligt worden deze doelen bij elkaar gebracht en versterkt.’

Over het algemeen worden er dus grote investeringen gedaan in de watersector. ‘Naast programma’s in ontwikkelingslanden wordt ook geïnvesteerd in verdere versterking van onze waterkennis.’, laat het ministerie weten in een persbericht. Dat ontwikkelingssamenwerking inmiddels slechts een staatssecretariaat is binnen Buitenlandse Zaken is duidelijk merkbaar. Economische en diplomatieke belangen zijn minstens net zo belangrijk als ontwikkelingssamenwerking in het nieuwe waterbeleid. Iedereen moet van de samenwerking beter worden. Nederland heeft een goede reputatie als het gaat om water. Die reputatie wil Knapen behouden, en het liefst uitbreiden.

 

Lees hier de volledige Kamerbrief ‘Water voor ontwikkeling’ van staatssecretaris Knapen aan de Tweede Kamer.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Vindt u deze bijdrage de moeite waard? Geef ons dan uw fair share.

Doe een donatie via Paypal

Neem een abonnement en blijf op de hoogte van alles wat er speelt in de ontwikkelingssector.

Klik hier voor een abonnement