OPINIE: Ontwikkelingshulp let scherp op doeltreffendheid

Door: op 20 juni 2012 geplaatst in Opinie - E-mail dit artikel | Print dit artikel

De resultaten van ontwikkelingshulp zijn niet erg overtuigend, zo betogen Stef Blok en Ingrid de Caluwé op de opiniepagina van de Volkskrant. De financiële bijdrage van de overheid zou scherp kunnen worden verlaagd. Beide uitspraken geven blijk van beperkte kennis van internationaal onderzoek over de doeltreffendheid van de hulp, meent Ruerd Ruben.

Na jarenlang wetenschappelijk onderzoek naar de relatie tussen hulp en economische groei bestaat er inmiddels een brede internationale consensus dat de investeringen die worden gefinancierd uit hulpmiddelen op langere termijn bijdragen aan 0.2% extra economische groei per jaar. Gezien de beperkte omvang van de hulp (voor Nederland nu 4,4 miljard euro) is dit een significant effect. Uiteraard zijn ook andere factoren van invloed op de groei.

Het bijzondere van hulpgelden is dat zij ook investeringen mogelijk maken in vitale gebieden die niet door de markt worden bediend, zoals gezondheidszorg en onderwijs. Een typisch voorbeeld hiervan zijn investeringen voor de bestrijding van infectieziekten. De afgelopen 10 jaar is het aantal sterfgevallen door malaria met 20% gereduceerd. Door verbeterde vaccinatie is de kindersterfte met een derde teruggebracht, waardoor nu dagelijks 12.000 minder kinderen overlijden. Het permanent uitbannen van deze ziektes vereist schaal. Samenwerking in multilateraal verband is daartoe zinvol en noodzakelijk.

Geen ‘dramatische mislukkingen’

Evaluaties van de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking door de onafhankelijke inspectiedienst IOB bieden een gedetailleerd inzicht in bereikte resultaten. De Nederlandse inzet op het gebied van basisonderwijs in Zambia, Oeganda, Bangladesh en Bolivia leidt aantoonbaar tot meer onderwijsdeelname en betere schoolresultaten. Programma’s op het gebied van drinkwater en sanitaire voorzieningen in Egypte, Mozambique en Benin hebben de toegang tot drinkwater voor miljoenen mensen verbeterd, maar kampen nog wel met de nodige problemen op het gebied van het duurzaam beheer van de waterpunten. Andere evaluatiestudies over de effecten van de grootschalige schuldenverlichting aan Nigeria en van het Twinning-programma met Suriname bieden een helder beeld van de bereikte resultaten. Er is hierbij geenszins sprake van ‘dramatische mislukkingen’.

Ontwikkelingssamenwerking is een sector met veel onzekerheden en de nodige risico’s. Dat gaat inderdaad gepaard met mislukkingen. Het aantal mislukte programma’s is echter beduidend kleiner dan de voortijdig beëindigde nieuwe bedrijfsinitiatieven in het Nederlandse MKB. Steeds meer wordt erkend dat experimenteren en innoveren van vitaal belang zijn om potentieel succesvolle activiteiten te selecteren. Hierin spelen particuliere hulporganisaties veelal een belangrijke rol, vooral als de overheid moeite heeft om de armste en marginale groepen te bereiken. Effectieve samenwerking tussen bedrijven, ngo’s en overheden leidt tot wetenschappelijk aantoonbaar betere resultaten. De gerichte overheidsbijdrage aan (een beperkt aantal) ngo’s zal de samenhang van het beleid ten goede komen. Burgers beschouwen deze bijdrage ook als een signaal over de resultaatgerichtheid van de particuliere hulp.

Halve eeuw terug

Het argument dat ontwikkelingshulp geen kerntaak zou zijn van de overheid en aan het particuliere initiatief kan worden overgelaten is – historisch gezien – onjuist en misleidend. Juist in arme landen en fragiele staten van sub-Sahara Afrika is er sterke behoefte aan investeringen in vitale voorzieningen – wegen, scholen, ziekenhuizen, water en elektriciteit – waarvoor de lokale overheid (nog) niet voldoende middelen kan mobiliseren. Ook in Azië (met China en India voorop) heeft de overheid in de beginfase van het ontwikkelingsproces deze leidende rol gespeeld. Hier ligt bij uitstek een taak voor publieke ontwikkelingssamenwerking. Het zou de hulp weer een halve eeuw terugbrengen als elke organisatie zelfstandig gaat bijdragen aan deze voorzieningen.

De scherpere focus in het Nederlandse beleid op de ondersteuning van bedrijfsmatige ontwikkeling op terreinen waarbij we over de nodige expertise kunnen beschikken (water, landbouw, gezondheidsverzekeringen) kan gebruikt worden om minder met schenkingen en meer met leningen en andere innovatieve financieringsinstrumenten te werken. De terugbetalingen moeten dan wel beschikbaar blijven voor ontwikkelings­samenwerking en niet – zoals nu het geval is – terugvloeien in de kas van het Ministerie van Financiën. Op termijn zullen de bedrijfsmatige activiteiten ook de belastingsinkomsten in ontwikkelingslanden doen toenemen en de hulpafhankelijkheid verminderen.

Ontwikkelingshulp is niet alleen een kostenpost: ook de baten van de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking verdienen benoemd te worden. Naar schatting vloeit maar liefst ca. 40% van de hulp in de vorm van contracten terug naar Nederlandse bedrijven en organisaties. Daarbij komt nog het effect van additionele investeringen in en handelsverkeer met ontwikkelingslanden. De gunstige Nederlandse belastingfaciliteiten spelen hierbij ook een rol. Het is zaak om de aandacht te richten op de effectiviteit van het brede buitenlandbeleid en de bijdrage van ontwikkelings­samenwerking aan de Nederlandse internationale positie en reputatie. De dankzij ontwikkelingsrelaties opgebouwde goodwill heeft positieve gevolgen voor de Nederlandse economie.

Positieve feiten

De huidige ontwikkelingssamenwerking let scherp op de resultaatgerichtheid en wordt frequent geëvalueerd op doeltreffendheid en doelmatigheid. Daarbij wordt gebruik gemaakt van geavanceerde methoden van resultaatmeting die de netto effecten van de hulp aangeven. De onafhankelijke Algemene Rekenkamer – die toeziet op de kwaliteit van de verantwoording – beoordeelt dit onderzoek als toonaangevend. Menig ander beleidterrein waar het geld van de Nederlandse belastingbetaler aan wordt besteed, beschikt over minder inzicht in de resultaten. Het is aan politici om hiervan goed en verantwoord gebruik te maken. De harde feiten zijn dankzij onafhankelijk onderzoek beschikbaar en beduidend positiever dan Blok en De Caluwé suggereren.

 

Prof. dr. Ruerd Ruben is directeur van de Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie (IOB) en hoogleraar Effectiviteit van de Hulp, Radboud Universiteit Nijmegen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

6 reacties op “OPINIE: Ontwikkelingshulp let scherp op doeltreffendheid

  1. Effectieve samenwerking tussen bedrijven, ngo’s en overheden leidt tot wetenschappelijk aantoonbaar betere resultaten, stelt Ruerd Ruben. Dat klinkt mooi maar beter dan wat? Dan afzonderlijek optredens en programma’s of een betere bijdrage aan armoedebestrijding? Tijdens een openbare bijeenkomst van de Vaste Kamer Cie over het rapport van de WRR stelde een onderzoekster (?) van de Universiteit van Wageningnen dat de nieuwe partnerschappen niet wezenlijk bijdroegen aan armoedebestrijding, zelfs twijfelachtig is. Of wordt hier bedoeld hun bijdrage aan economische groei?

    [Reageer op deze reactie]

  2. Dat ontwikkelingssamenwerking veel geld in de la van de gever brengt is een waarheid als een koe. Prima, dus, dat Ruerd Ruben daar melding van maakt. Maar hoeveel geld? Het lijkt mij niet onwaarschijnlijk dat voor Nederland de baten de lasten overtreffen — zelfs vér overtreffen. Neem de resultaten van twee recente econometrische studies. De Universiteit van Göttingen onderzoekers Martínez-Zarzoso, Nowak-Lehmann en Klasen concluderen dat, in het geval van 22 OECD landen, voor elk dollar in officiële hulp bilateraal besteed, wordt de export omzet over de lange termijn gemiddeld iets meer dan twee dollar in waarde verhoogd. Een gedetailleerdere studie van Carbonnier en Nejadan in het geval Zwitserland concludeert dat voor elk Franc uitgegeven in officiële hulp, komt er doorgaans over de langere termijn tussen 1,2 en 1,7 Francs terug naar de Zwitserse economie. Een dergelijke studie over de effecten de Nederlandse hulp hier ter land zou, denk ik, een soortgelijk resultaat opleveren.

    [Reageer op deze reactie]

  3. Pingback: Aftrap verkiezingscampagne 12.09.2012 – VVD « Debat in de Digitale Hofstad

  4. Het is maar net hoe je het bekijkt en tevens een moment opname, een snapshot, een foto. Waar het uiteindelijk om gaat, zijn de onderliggende processen en waar gaat het naartoe, wat is het toekomst perspectief?

    Een en ander is dan helemaal niet zo rooskleurig als Ruerd Ruben probeert aan te geven.

    Voorbeeld; afname kindersterfte door inentingen, heel fijn, maar wat is het onderliggend proces? Heeft men nu bereikt dat de kindersterfte daardoor structureel minder zal zijn? Ik zou me graag laten overtuigen, maar heb sterke twijfels. Deze goede doelen inentingscampagnes hebben ontzettend veel geld gekost, en het is nog maar de vraag of dat nu structureel ingepast kan en gaat worden. Daar hoor en zie je niets over.

    Ander voorbeeld: “Programma’s op het gebied van drinkwater en sanitaire voorzieningen in Egypte, Mozambique en Benin hebben de toegang tot drinkwater voor miljoenen mensen verbeterd, maar kampen nog wel met de nodige problemen op het gebied van het duurzaam beheer van de waterpunten.” … sic …

    Ja, zo lust ik er nog wel een paar, dáár gaat het nu juist om. Wordt nu eens wakker!
    Ik heb o.a. voor de WB een evaluatie hierover gedaan in Benin. Heb jarenlang gewoond en gewerkt in de water sector in Mozambique en nog steeds actief daarin, en ken vrij nauwkeurig de actuele situatie.

    Conclusie: beiden zijn zonder enige twijfel rampzalig te noemen, zonder enig toekomstperspectief door de wijze waarop een en ander nu gaat. Mooie foto’s, dat wel, maar verder alleen nog meer donor afhankelijk geworden, dramatisch resultaat van het blanco cheque aspirientjes beleid. Maar dat mag niet gezegd worden.

    We weten allemaal dat het aspirientjes de pijn even wegneemt, maar nu eenmaal niet tot duurzame resultaten leidt, dus waarom zijn we daar dan niet meer alert op?

    Wat echter nog erger is dat men kennelijk nog steeds liever de kop in het zand steekt en mislukkingen proberen te verkopen als successen. Dat is juist precies wat men nu niet moet doen. Blok en de Caluwé proberen een aanzet te geven tot structurele verbeteringen, maar dat wordt dus niet zo opgevat, integendeel.

    Ondanks de vele goede bedoelingen, intenties en mooie woorden, is er helaas nauwelijks sprake van een positieve “learning curve” bij OS. Men gaat doorgaans gewoon door op de oude voet. Dat werd mij onlangs op een conferentie nog eens fijntjes door een insider met een glimlach uitgelegd: “bij BZ is het nu eenmaal veel gemakkelijker om gewoon maar weer een blanco cheque aan UNICEF te geven, dan zelf te gaan nadenken en handelen om de BZ projecten meer efficiënt en duurzamer te maken.” OK dus, dus zal er niets veranderen, point taken.

    Maar u duwt mij niet zomaar in het Wilders kamp van “tegen OS”. Ik en velen met mij zijn helemaal niet tegen, maar hebben wel sterke en beargumenteerde kritiek op de wijze waarop het nog steeds gaat en er niets structureel veranderd.

    OS vanuit den Haag zit nu al bijna op het absolute goodwill dieptepunt in de samenleving en dat heeft men zelf veroorzaakt en nog steeds wordt krampachtig volgehouden dat alles goed gaat, met een toegevende kanttekening dat het “hier en daar nog wat beter kan”, maar structureel verbeteren zit er, (volgens insiders in den Haag), vanuit den Haag niet in. We moeten “nog meer geduld hebben”. Het lijkt de Euro crisis wel, waarbij in dit geval de Acropolis op het Binnenhof staat. Teveel uitgeven zonder resultaten, dat kan nooit goed gaan, op den duur.

    Het lukte Herfkens al niet, 12 jaar geleden en zal nu ook niet lukken. Met graaft zich in. Uiteindelijk zal de wal het schip wel keren, als het geduld en het geld van de burgers op is. Voor die tijd heeft Afrika zijn eigen problemen allang zelf opgelost, ze moeten wel.

    [Reageer op deze reactie]

    Rob Wildschut Reply:

    Misschien heb ik er overheen gelezen, maar wat bedoelt u precies met:
    “Blok en de Caluwé proberen een aanzet te geven tot structurele verbeteringen”?

    [Reageer op deze reactie]

    Amma Asante Reply:

    Treffende reactie, niets op aan te merken. Als je ontevreden bent wil dat niet altijd zeggen dat je tegen OS bent. Het moet en kan gewoon beter! En arme landen moeten zelf de leiding nemen over hun ontwikkeling; hun belangen dienen voorop te staan en dat is nu onvoldoende het geval.

    [Reageer op deze reactie]

Vindt u deze bijdrage de moeite waard? Geef ons dan uw fair share.

Doe een donatie via Paypal

Neem een abonnement en blijf op de hoogte van alles wat er speelt in de ontwikkelingssector.

Klik hier voor een abonnement