Van slechte verliezer naar goede speler

‘Lobbyïsten bedreigen de democratie’, stelt Friends of the Earth in haar artikel op de Vice Versa website (dd. 10 augustus). Het prikkelde Jan de Vries en Diederik Prakke van MDF tot een reactie. ‘FoE polariseert en staat daarmee samenwerking in de weg.’

Het artikel ‘Lobbyïsten bedreigen de democratie’ is onderdeel van een beleidsbeïnvloedingsstrategie. Eén van de ‘advocacy’ prioriteiten van Friends of the Earth is de invloed van het bedrijfsleven binnen de Verenigde Naties (onder de noemer: Reclaim the UN from corporate capture). Het artikel refereert aan een uitgebreid onderzoek over die invloed en herhaalt de belangrijkste conclusies en actiepunten. FoE vat ze samen in die ene stelling.

‘Lobbyïsten bedreigen de democratie’ is een prikkelende titel en het is gangbaar een artikel interessant te maken door er een pakkende titel aan te geven. Die stelling op zich is dan ook geen reden om een reactie te schrijven. Echter, FoE ondersteunt die stelling met een uitgebreid onderzoek. Het onderzoek dient vervolgens tot rechtvaardiging van die stelling. Dat is wel voldoende reden om een reactie te schrijven.

Ngo’s de verliezer

Ons artikel zoekt geen rechtvaardiging voor de behoorlijk bevoorrechte positie van lobbyïsten van bedrijven, waar terecht vragen over kunnen worden gesteld. Het is echter wel een aanval op de stelling die FoE in haar titel maakt dat alle (bedrijfsleven) lobby de samenleving schaadt. Het is een vaak gehoorde stelling bij niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) die daarmee de verantwoordelijkheid van het falen van hun eigen lobbystrategie wel erg opzichtig bij de boze buitenwereld leggen. Met dit artikel wil ik ook de verantwoordelijkheid van ngo’s, waaronder FoE, in hun lobby onder de spotlights houden.

Het artikel, en in zekere mate het onderzoeksrapport, ademen een zekere frustratie uit. Zeker na het ‘falen’ van de Rio +20 is frustratie op zijn plaats. Er is al veel langer een gevoel van machteloosheid ten aanzien van schijnbaar grotere actoren die met een schijnbaar niet te overtreffen budget alles uit de kast kunnen halen, om resultaten in de lobby te behalen die, zo wordt verondersteld, tegen de belangen van een groot deel van NGO’s en de samenlevening indruisen.

Indien dit allemaal een spel zou zijn (en dat is het toch ook een beetje), dan is het ‘publieke belang’ (lees de ngo) de verliezer en Shell (en daarmee alle grote multinationals) de grote winnaar. In dat licht bekeken stelt FoE zich op als een slechte verliezer met ogenschijnlijk weinig zelfkritiek.

Bedrijfsleven als boosdoener

Het rapport waaraan FoE refereert is redelijk onderbouwd maar toch ook oncomfortabel eenzijdig. Dat is jammer, want het is een gemiste kans om studie en bijbehorend artikel tot een instrument te maken ter verbetering, of daar in ieder geval de discussie voor te openen. Nu is het vooral een terugkijkend document waarin open deuren net iets verder geopend worden en bedrijven worden gezien als de grote boosdoeners (en in hun kielzog al die machtige mensen bij internationale en regionale organisaties).

Zoals eerder aangestipt: als de lobby van een multinational als Shell ondemocratisch is, is de lobby van niet gekozen ngo’s dan wél democratisch? Er zit in dit artikel een vooronderstelling van morele superioriteit die elke vorm van mogelijke samenwerking met de private sector op dit gebied onmogelijk zal maken. Het is makkelijk om te roepen dat je een publiek belang verdedigt, maar dat gegeven alleen maakt het niet democratisch.

Principes van lobby

Dit is ook de grote valkuil van veel ngo’s die aan lobby/advocacy doen: het idee dat je vanuit je principes goed doet betekent niet per sé dat je dat voor (en volgens) iedereen ook écht doet. Dat heeft te maken met twee principes van advocacy: credibility (geloofwaardigheid) en legitimacy (legitimiteit).

Je moet als ngo voldoen aan die principes en je moet ze kunnen bewijzen. Zo wordt je geloofwaardigheid gevoed door je kennis, de informatie die je verzamelt en uitbrengt, de houding waarmee je te werk gaat. Voor legitimiteit moet je kunnen aantonen waarom jij het recht hebt om meningen/mensen te vertegenwoordigen. Je moet kunnen aantonen voor wie je spreekt (en dat is specifieker dan het publieke belang), en deze groep moet je actief betrekken bij je lobby.

Ngo’s vergeten vaak dit soort principes actief na te leven, omdat men er vanuit gaat dat wat ze doen per definitie goed is. Door daarvan uit te gaan stellen ngo’s zich ongewild erg kwetsbaar op. De twee meest voorkomende aanvallen van opponenten zijn namelijk op punten van geloofwaardigheid en legitimiteit. En die aanvallen komen niet altijd van machthebbers of zogenaamde vijanden, maar ook van belanghebbenden (stemmen uit het grote publiek).

Een derde principe voor een lobby die het waard is serieus genomen te worden is accountability (o.a. transparantie). Ook hier is communicatie naar verschillende actoren essentieel. Deze communicatie, bijvoorbeeld naar belanghebbenden toe houdt in dat je aangeeft wat je hebt gedaan en hoe dat heeft gewerkt, en wat je in de toekomst zult doen. De mate waarin je dit doet is natuurlijk ook afhankelijk van het gewenste niveau van transparantie. Het kan best zijn dat je de strategie niet wilt blootgeven of je onderhandelingspositie niet volledig wilt openbaren. Een zekere discretie is misschien ook nodig om mensen te beschermen.

Lobby term met een bijsmaak

Toegegeven: lobby, van alle mogelijke activiteiten, is van zichzelf een vrij ontransparante activiteit. Lobby heeft op zichzelf zelfs een dusdanige bijsmaak gekregen dat men binnen de Europese Commissie de term nauwelijks nog bezigt (het is nu ‘interest representation’) en in de private sector al helemaal niet meer (daar geldt de aanduiding ‘public affairs’).

In veel landen waar ik heb gewerkt staat ‘lobby’ gelijk aan Amerikaanse propaganda of Joodse invloed. Dat is in die context niet per sé positief. De mate van transparantie hangt samen met het karakter van de activiteit. Het gaat uiteraard om het overtuigen van anderen, maar meer nog is de kern van lobbyën: onderhandelen!

Daarbij heb je onderhandelbare en niet onderhandelbare issues, je speelt stakeholders tegen elkaar uit, je geeft en je neemt. Dat is voor veel ngo’s een groot probleem, want hoe je kun je nou onderhandelen over principes? Veel ngo’s doen dat natuurlijk gewoon wel. Soms lukt dat, zeker wanneer echt vanuit onderhandeling naar gezamenlijke oplossingen wordt gekeken (en deze duidelijk en transparant naar buiten worden gecommuniceerd).

Lobby als onderhandelingsproces

Een absolute voorwaarde voor succesvol lobbyën is dus dat het wordt gezien als onderhandeling. Dat in acht nemende is het cruciaal dat lobby goed wordt voorbereid waarbij negotiables en non-negotiables worden geformuleerd, concrete doelstellingen worden opgeschreven, samenwerkingspartners strategisch worden gezocht, andere stakeholders goed in kaart worden gebracht en hun belangen worden beschreven, veelal met de mensen waarvoor je het doet. Alleen zo borg je legitimiteit!

Soms mislukt een lobby jammerlijk, vaak vanwege ongrijpbare factoren die niet of nauwelijks te beïnvloeden zijn. Maar vaker nog omdat lobby voor veel actoren (waaronder ngo’s) uitsluitend gelijk staat aan het overtuigen van andere partijen van een moreel gelijk. Wanneer dat morele gelijk ijkpunt is voor succes dan zullen die partijen herhaaldelijk erg teleurgesteld en dikwijls cynisch en gefrustreerd uit een lobby komen. Bovendien staat het een goede voorbereiding, zoals hierboven beschreven, in de weg. Het lijkt dat FoE deze weg is ingeslagen.

Het zou interessant zijn om de lobby van FoE en de resultaten van die lobby juist door die bril te bekijken. Het stelt het handelen van FoE en haar partners centraal. Nu mist deze analyse volledig. Bovendien zou zo’n analyse weer bijdragen aan de accountability van FoE. Dat zou het democratisch deficiet van ngo’s zoals FoE enigszins kunnen opvangen.

Allicht dat dit intern wel gedaan wordt, of met de partners en andere belanghebbenden. Zo ja, dan zouden de resultaten daarvan goed gepubliceerd kunnen worden om zo het beeld te corrigeren dat de lobby mislukt doordat actoren uit de private sector en machtige beleidsmakers samen heulen en smerige spelletjes spelen over de rug van het ‘publieke belang’.

Geloofwaardigheid

Het zou de conclusies sowieso genuanceerder maken en het rapport (en bijbehorende artikel) voorzien van de nodige geloofwaardigheid. Daarnaast zou dat het makkelijker maken om na te gaan waar het mis gaat in zo’n lobby. Is het puur vanwege die grote invloed van de private sector? Of heeft het ook te maken met legitieme strategiën die ze toepassen en waar de civil society maar geen vuist tegen kan maken?

Er zijn nog veel meer vragen die gesteld zouden mogen worden door FoE. Zo is het bijvoorbeeld opvallend dat Shell zich overal weet te nestelen, maar dat FoE en al haar (potentiële) partners dat niet lukt. Is dat vanwege gebrek aan middelen? Gebrek aan politieke vriendjes? Of is er gebrek aan gezamenlijke strategie geweest en gebrek aan duidelijke boodschappen en doelstellingen?

Antwoorden op die vragen geven veel meer informatie dan de simpele constatering dat Shell een aantal dingen heeft gedaan en daarmee in invloedrijke posities is gekomen. Waarbij ook nog eens sterk wordt gesuggereerd dat het een en ander illegaal is.

Allicht dat dit artikel een aantal aspecten benoemt die door FoE en andere ngo’s al lang en breed intern zijn besproken. Allicht dat er zelfreflectie heeft plaatsgevonden aan de hand van de bovengenoemde principes. Echter, wanneer er vervolgens een artikel en rapport wordt uitgebracht die zo eenzijdig een belangrijke actor in veranderingsprocessen aanvalt, dan komt het ongeloofwaardig over om geen nuanceringen te plaatsen die een reflectie zijn van die interne zelfkritiek.

Zo’n artikel en rapport is interessant voer voor discussie, maar op zichzelf staat het eigen leren in de weg. Het opent de deur voor aanvallen op geloofwaardigheid. Bovendien polariseert het artikel en het rapport, en staan het daarmee samenwerking in de weg. En die samenwerking zal, ook in het duurzaamheidsdebat, toch echt gevonden moeten worden op basis van gedeelde principes. Hoe je het wendt of keert, zonder Shell en consorten zal er geen duurzame verandering plaatsvinden.

Jan de Vries is Trainer/Consultant Advocacy & Human rights bij MDF training & consultancy.

Diederik Prakke is Senior Trainer/Consultant MDF Indochina.

De auteurs schrijven dit op eigen titel.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

11 reacties op “Van slechte verliezer naar goede speler

  1. Volgens mij is FoE heel tercht kritisch op een speciefiek soort of deelgebied van de lobby (macht van multinationals), en trekken Diederik en Jan de kritiek op lobby aktivieiten breder als FoE bedoeld, om vervolgens vanuit die eigen interpretatie te gaan schieten? Of snap ik het niet goed?

    [Reageer op deze reactie]

    Diederik Prakke Reply:

    Hoi Martien,

    Ja, goed gezien: Wij hebben kritiek op iets breders dan waar FoE op schiet. Maar met rede. Wij zeggen: Leg niet alleen de Zwarte Piet bij multinationals (en dat trouwens ook nog eens zonder feiten), maar kijk ook naar je eigen lobby praktijk. FoE zegt tegen lobbyen te zijn (dat is de titel) omdat het anti-democratisch is. Maar zelf lobbyen ze! En slecht! Want hun stem krijgt pas kracht als zij zelf transparant, geinformeerd en met een duidelijke strategie te werk gaan, waarvan het geloofwaardig is dat het (democratisch of in de wandelgangen) iets oplevert voor het milieu. Klagen over Shell kan onderdeel zijn van een “Theorie of Change” (een model hoe FoE voor een beter milieu lobbyt of vecht), maar ik vind het pas vertrouwen-wekkend als ze iets van hun eigen strategie van beleidsbeinvloeding blootgeven. Dit artikel geeft meer de indruk van een gefrustreerde losse flodder dan van een goed georchestreerd, trefzeker, samenhangend salvo.

    Provocerend: Heb jij na dit een artikel een cheque aan FoE uitgeschreven? Indien niet, waarom? Geef je niet om het milieu? (Of als je wel diep in je buidel tastte: Hoeveel? En zou je dat voortaan gewoon aan mij willen overschrijven? Dan beloof ik dat ik wat zal roepen over Syrie en Mocambique. Erg daar hoor!).

    [Reageer op deze reactie]

  2. Spel of Strijd. Laten wij even stil staan bij de paradigma’s van waaruit zowel FoE als Jan en Diederik hun stuk schrijven. Als je lobby als een spel ziet, mag je wensen dat je goede spelers aan tafel hebt. Zie je het echter als een strijd (mijn aanname is, dat FoE meer van dit paradigma uitgaat) dan wil je geen goede speler zijn, dan wil je de strijd winnen.
    Het gaat dus niet aan, om NGOs het recht te ontzeggen de strijd aan te gaan voor een waarde waaraan zij hun identiteit aan ontlenen. Organisaties als FoE moeten vooral opereren vanuit het Strijd-paradigma. Daarbij passen slechte verliezers en ook goede winnaars; en dus niet noodzakelijkerwijs goede spelers; dat hangt van het strijdtoneel af. Daarentegen mogen adviseurs als Jan en Diederik het paradigma van de strijders uitdagen en het strijdtoneel als een spel benaderen. Daarin passen wel goede spelers. Adviseurs moeten zich ook niet laten verleiden om het strijdtoneel te betreden; dan moeten zijn nl. partij kiezen en komen hun aangeboren en aangeleerde vaardigheden als adviseur cum facilitator niet meer tot hun recht. Ze kunnen de strijders wel helpen om op hun eigen paradigma te reflecteren en zichzelf af te vragen of de strijd gewonnen kan worden door te vechten of door van de strijd een samenspel te maken. In die zin heeft het artikel van Jan en Diederik vooral een reflecterende functie.

    [Reageer op deze reactie]

    Jan de Vries Reply:

    Hallo Niek,
    Dank voor de reactie. Net als Erik heb ook jij gelijk. Daarbij toon je wat mij betref took direct ana dat een combinatie van beide artikelen zo ongeveer een juiste midden kan vinden.
    De analogie van het spel is allicht een beetje raar en doet geen recht aan de grote belangen die dikwijls spelen in lobby. Het strijdtoneel, met enig gevoel voor dramatiek, is inderdaad een goede benaming. Wij geven niet aan dat je in die strijd ook alles odnerhandelbaar maakt. Al is het maar, omdat je in je hele proces te maken hebt met belanghebbenden die van alles van je verwachten. Je stapt zo’n proces in omdat je bepaalde idealen hebt, dat is de basis van het werk. Daarop baseer je visie en missie. Hoe die dan worden behaald, onder meer door lobby, geef je vorm o.a. met belanghebbenden. Je kunt je beleidsbeïnvloeding absoluut zo inrichten dat je uitsluitend vanuit een confrontatie opereert en d.m.v. allerlei middelen de tegenpartij probeert te overtuigen. Echter, de essentie van lobby is dat je ook in staat bent om een compromis/consensus te sluiten. Daarbij dien je je goed voor te bereiden op je eigen negotiables en non-negotiables. Vaak zal de grens liggen daar waar de belangen van belanghebbenden en/of je eigen idealen te veel in het gedrang komen. Kortom er is vanuit die idealen en belangen nog een heel groot grijs gebied. Het gaat er maar om hoe groot je dat gebied wilt laten zijn.
    Het is uiteraard FoE goede recht om in de strijd lobby als zodanig aan te vallen als een illegale activiteit. Dat doet men echter wel iets te eenzijdig en gaat toch ook voorbij aan het feit dat heel veel NGO’s lobby als een legitieme strategie zien om hun doelstellingen te behalen. Dus indien lobbyïsten van multinationals de democratie bedreigen dan kun je niet anders concluderen dat lobbyïsten van NGO’s dat ook doen. Als dat niet zo is dan moet je je afvragen waarom er andere principes zouden gelden voor bedrijven dan voor NGO’s. Ik heb sterk het gevoel dat dat te maken heeft met het gevoel dat men goed doet en dat iedereen die het daar iet mee eens is dus slecht doet (of wil). Dat soort redenering kan ik, inderdaad als relatieve buitenstaander dan maar, niet accepteren. Dat zou o.a. betekenen dat beleidsbeïnvloeding altijd een strijd moet zijn waarin niet onderhandelt kan worden. Dat lijkt mij niet effectief en bovendien kantje boord gevaarlijk. Al was het maar omdat je juist door odnerhandeling ook weer meer macht kunt hebben.

    [Reageer op deze reactie]

    Paul Hassing Reply:

    Beste Jan en Niek,
    Ik ben sinds kort er eentje van de ethiek. Vooral omdat de bestaande politiek zijn integriteit heeft verloren. Welke politicus valt er nou nog op zijn woord te geloven, te vertrouwen. Een enkeling. Dan maar de ethiek. De meeste NGO’s hebben een publiekelijk doel en zijn daar redelijk open over. De voorgestelde veranderingen zouden de samenleving als geheel ten goede komen. Het bedrijfsleven zoals Shell, Philips, Hoogovens en anderen hebben een privaat doel, namelijk het beschermen van hun markt en het maken van winst. Die winst komt ten goede van een beperkt aantal aandeelhouders. Wellicht dat een neo-liberaal van mening is dat dit ook een publiekelijk doel is. Maar daarin staat de neo-liberaal dan wel alleen.
    In de publicatie van FoE zoals ik het ervaar, staan deze twee systemen tegenover elkaar of in het beste geval naast elkaar. Ik heb de indruk dat FoE niet denk Shell te kunnen overtuigen maar vooral de samenleving op oog heeft om kritisch tegenover Shell te gaan staan. Dat kan samengevat worden met het woord strijd maar net zo goed gezien worden als het informeren van de samenleving. Waarom zouden FoE en Shell met elkaar om de tafel moeten gaan zitten, zoals de twee medewerkers van MDF veronderstellen?. Voor hen lijkt de ethiek van niet-polariseren en samenwerken het hoogste goed om duurzaamheid te bereiken omdat zij van mening zijn daarbij Shell nodig te hebben. Dat laatste is een politieke inschatting en geen ethische. Dat mag maar geeft tevens aan dat beide medewerkers de duurzaamheidshistorie van Shell niet paraat hebben. De Shell strategie van gas en olieboeren is omgezet in die van energieleveranciers onder Herkstrotter in de jaren negentig, naar weer olie en gas boeren onder van de vorige CEO. In de energie scenarios van Shell vervullen duurzame energiebronnen een rol maar moet er wel volop doorgegaan worden met investeren in fossiele brandstoffen. Shell zelf heeft zowel zonneenergie als windenergie de deur uit gedaan ( te duur) en denkt nu iets met biomassa te kunnen doen. Over duurzaamheid gesproken. Mocht Shell of de samenleving van mening zijn dat fossiele brandstoffen uitgefaseerd moeten worden dan betekent dit vanaf heden stoppen met investeringen in fossiele brandstoffen omdat investeringen over een periode van 30 jaar of langer worden afgeschreven Dat zou de koers van het aandeel Shell ogenblikkelijk met tenminste 30% doen dalen. Dus dat wil en doet Shell dan ook niet. En daar zal Shell (heeft de geschiedenid geleerd) zich altijd tegen blijven verzetten. Is dat een strijd of vereist dit een samenwerking cq een spel van onderhandelen? Of simpel een nieuwe partij die duurzame energie in de markt wegzet. Dat laatste heeft meer kans. En juist deze startegie bepaalt welke methode men kiest. Daarbij past het negeren van Shell en met andere partijen optrekken. Soms is het verrassend simpel maar moeilijk te accepteren. Zeker als het een Nederlandse multinational betreft.

    [Reageer op deze reactie]

    Diederik Prakke Reply:

    Dank voor meer feiten over de positie die Shell over de tijd inneemt en of die het milieu wel of niet ten goede komt. Dat je het belangrijk vindt die inhoudelijke keuzes en trends te kennen toont weer dat je bezwaar niet is tegen de invloed van lobbyisten op zich, zoals de titel van het artikel van FoE suggereert.
    Puur uit nieuwsgierigheid: BP slaat op de tam tam dat ze “part of the solution” willen zijn. Zijn zij signifikant beter dan Shell? Kan er met hen gepartnerd worden, net zoals WWF en KLM samenwerken, naar ik aanneem zonder illusies over de uiteenlopende belangen groepen die ze respectievelijk tevreden willen stellen?

    Jan de Vries Reply:

    Beste Paul,

    Dank voor de reactie. Het helpt de discussie zeker daar je een aantal punten aandraagt die de discussie verrijken. Laat ik allereerst vooropstellen dat ik het niet per se oneens ben met jou en daarmee, wederom, ook niet met FoE. Laat ik daarnaast nog benadrukken dat Diederik en ik dit artikel uit eigen naam hebben geschreven!

    Als organisatie heeft FoE het goed gevonden een onderzoek te publiceren over de macht van multinationals binnen verschillende internationale en regionale fora. Dat is uiteraard een goed recht. Niet alleen FoE maakt zich zorgen om dit fenomeen en menigeen heeft reeds met verschillende middelen proberen duidelijk te maken dat er praktijken plaats vinden die het daglicht niet kunnen verdragen. Daarmee dient aangemerkt te worden dat het nog maar de vraag is of het onderzoek van FoE werkelijk onoorbare praktijken bloot legt. Er wordt nergens keihard bewezen dat er illegale praktijken, zoals corruptie of machtsmisbruik worden gehanteerd. Hooguit dat er belangenverstrengeling is. Hoewel dat uiteraard als kwalijk zou kunnen worden aangemerkt is het niet per se illegaal. Bovendien, en daar wringt het hem bij mij, wanneer die belangenverstrengeling andersom zou gebeuren dan is dat ineens helemaal geoorloofd. Die gebeurt wel degelijk, kijk per slot van rekening maar eens in het Nederlandse speelveld hoeveel (ex-) politici hoge posities bekleden bij maatschappelijke organisaties. En hoezeer is een NGO wel niet trots om een Mary Robinson, Desmond Tutu e.d. in een raad van toezicht te hebben. En hoeveel NGOs hebben een foto in het bureau hangen van een vertegenwoordiger met een hooggeplaatst persoon binnen de VN of andere internationale organisaties. Dat is een beetje het probleem. Dat lijkt allemaal wel te kunnen voor NGO’s, maar niet voor bedrijven. Als men de regels gewoon volgt dan mag er op zich geen probleem zijn. Als de regels van het spel (sorry voor het gebruik van dat woord) voor een ieder hetzelfde zijn. Misschien zit daar wel een probleem, echter daarvoor dient men wel een veel genuanceerder onderzoek te publiceren, want dan is het eigen handelen ook een eikpunt. Ik ben er dan ook zeker voor om die regels aan de orde te stellen en met regels te komen die het allemaal enigszins transparanter maakt dan nu (hoewel elke onderhadeling ook gebaat is bij een zekere mate van geheimhouding, ook voor NGOs).

    FoE lobbyt ook. Laten we daar duidelijk over zijn. Daarnaast hanteert zij een duidelijke overtuigingsstrategie die, in beleidsbeïnvloeding, vaak betekent dat je anderen probeert te overtuigen van je standpunt om vervolgens een kritische massa te creëeren die ervoor zal zorgen dat er voldoende druk staat op de lobby om anderen te dwingen jouw standpunten over te nemen. Dat is legitiem, maar als deze strategie mislukt, dan is het wel erg gemakkelijk om uitsluitend naar anderen te wijzen. Daarmee ontloop je wel een beetje je eigen verantwoordelijkheid. Erger nog, het maakt je eigen strategie voor velen wel degelijk zwak, want het onderzoek en bijbehorende communicatiestrategie had aan kracht gewonnen wanneer er nuance in was gebracht.

    Ik zal direct ook maar heel eerlijk en open zijn: ik geloof niet in de tweedeling bedrijven=slecht en NGOs=goed. Ik geloof ook niet dat het neo-liberaal is om te denken dat de winst van bedrijven een groter belang dient of kan dienen. Dat is vreselijk polariserend en helpt geen enkele agenda. Indien iedereen er binnen de NGO-wereld zo over dacht dan waren we nu nog mijlenver van de effectieve en succesvolle publiek-private initiatieven die er op veel gebieden zijn. Dan hadden NGO’s niet zo scherp als nu de business case kunnen maken voor maatschappelijk verantwoord odnernemen (die gaat namelijk wel degelijk ook uit van het belang van winst) en dan waren bedrijven al helemaal niet ontvankelijk geweest voor die NGO’s. Dat bedrijven nog steeds niet zitten springen om met NGO’s om een tafel te zitten heeft daar ook wel mee te maken. Ze spreken niet dezelfde taal en vertrouwen elkaar niet. Voor je het weet gaat diezelfde NGO je morgen publiekelijk aanvallen op allerlei activiteiten. Dit gaat een klein beetje verder dan de discussie die hier gevoerd wordt, maar raakt de kern ook wel weer een beetje. Als NGO’s zich namelijk blijven opstellen als zijnde de goeden met een moreel superieur standpunt (welk standpunt? Voor wie? Daar kunnen we ook over discussiëren) dan blijft er niks anders over dan overtuigen. Wanneer dat niet lukt is lobby bij voorbaat uitgesloten en snijden de NGO’s zelf een hele effectieve strategie zelf af. Wanneer de ‘slechterikken’ die strategie dan wel ten volste benutten, dan moet je niet achteraf aan de zijlijn gaan roepen dat dat oneerlijk is!

  3. Boeiend artikel maar voelt ook eenzijdig. Het gaat vooral in op de houding van de NGO en dat deze vooral moet uitgaan van geloofwaardigheid en legitimiteit. Ik blijf met de vraag zitten waar het bedrijfsleven aan moet voldoen voor een goede lobby.
    En lobby te zien als een spel snap ik maar vind ik ook eng want ik wil als burger niet dat er met mijn leven gepokerd wordt daar zijn de belangen te groot voor. En is het uitgangspunt van een spel niet dat ieder gelijke kansen heeft?

    Tijd om dit spel uit de donkere hoekjes te halen en duidelijke regels af te spreken waar iedere speler zich aan dient te houden. Dan valt er pas te spelen, samen te werken en te onderhandelen. Ik durf te beweren, niet gehinderd door enige kennis van zaken, dat dat nu niet het geval is en een belangrijker punt is dan de geloofwaardigheid en legitimiteit van een NGO.

    [Reageer op deze reactie]

    Diederik Prakke Reply:

    OK, laat ik het eens met je eens zijn. Maar daardoor dwing ik jou misschien wel om het met ons eens te zijn. Wat bedoel ik daarmee? Als we spelregels willen en mee willen spelen, dan moet iemand afdwingen dat hij gehoord wordt. En hoe doe je dat? Niet alleen maar door van de daken te schreeuwen dat Shell niet de democartie bedreigt. Nee, door je kennis, resultaten en recht van spreken aan te tonen. En dat is wat we suggereerden.

    [Reageer op deze reactie]

    Erik Visser Reply:

    Hallo Diederik. Dank je wel voor je reactie. Ik heb zelf niet de vergelijking met spel gemaakt. Dat kwam uit het artikel. Ik had meer vragen over de voorwaarden wat een spel een spel maakt http://www.encyclo.nl/begrip/spel en ik kom eigenlijk tot de conclusie dat het geen spel is.

    We hebben ooit een systeem in het leven geroepen om de gemeenschappelijke maatschappelijke doelen te vertegenwoordigen. Dit hebben we democratie genoemd waar mensen mensen en partijen de volmacht geven ons allen te vertegenwoordigen en namens en voor ons te handelen.

    Het bedrijfsleven heeft hier puur uit eigen belang een nieuw instrument tegen overgezet om ook hun stem te laten gelden en zo’n grootst mogelijke invloed te hebben op wat er binnen het publieke domein wordt beslist.

    Een vorm van maatschappelijke sturing die niet wettelijk is vastgelegd, geen regels kent en talloze voorbeelden heeft waar het geen enkel middel, inclusief illegale, schuwt. Dat NGO’s besloten hebben hieraan mee te doen was volgens mij meer uit te filosofie “if you can’t beat the join them”.

    Excuses voor de wat late reactie.

    [Reageer op deze reactie]

    Jan de Vries Reply:

    Beste Erik,

    Je hebt helemaal gelijk wanneer je aangeeft dat lobby iets heel duisters heeft. Dat geldt overigens niet alleen voor de lobby van bedrijven, maar voor bedrijven, zeker in onze sector, geldt toch wel dat het extra duister aanvoelt (al is het maar dat men vaak actief externen aantrekt om de lobby te voeren). Ik was onlangs in Marokko om een workshop te faciliteren voor een vakbond. Men vroeg mij daar ook een trainingssessie te geven over beleidsbeïnvloeding. We hebben er o.a. een zeer itneressante en lange discussie gehad over het woord Lobby. Dat woord riep bij de deelnemers veel negatieve gevoelens op (Amerikaanse propaganda en joodse lobby…). Het kreeg daardoor zelfs een aggressief karakter. Dit gevoel heb ik in mindere mate ervaren in bijna elke context waar ik heb geadviseerd of getraind. Ook binnen de EC is men zich bewust van de negativiteit van de term en gebruikt men nu ‘interest representation’. Binnen bedrijven wordt het ook geen lobby genoemd, maar ‘public affairs’.
    Lobby heeft van zichzelf iets duisters doordat het achter gesloten deuren plaats vindt. Vaak worden er compromissen gesloten en is onduidelijk tot het einde (en vaak in z’n geheel) waarom bepaalde keuzes zijn gemaakt en hoe het proces verliep. Toch is lobby van alle beleidsbeïnvloedingsstrategiëen vaak de eerste keuze voor veel organisaties (het is immers de minst confronterende) en de meest effectieve. Veel organisaties die ik tegen kom in mijn werk hebben veel problemen met de accountability, juist vanwege het veelvuldig gebruik van lobby. Accaountability suggereert openheid en openheid tijdens een lobby kan funest zijn voor die lobby. De juiste balans vinden tussen het beschermen van de positie en het informeren van de achterban is vaak lastig. Daar hebben bedrijven minder last van. Echter, gek genoeg zijn zij vaak net iets transparanter. Hun belanghebbenden zijn duidelijk (vaak de aandeelhouders) en hun doelstellingen vaak erg duidelijk. Ze hebben ook bij wet fora waarin ze openheid over zaken moeten geven (aandeelhoduersvergaderingen, jaarverslagen etc…). Bij veel NGO’s is dat toch vaak onduidelijker. Zeker wanneer het gaat om wie ze nu eigenlijk vertegenwoordigen en wat de concrete doelstellingen zijn.
    Het artikel is op geen enkele manier bedoeld om lugubere zaken die wel degelijk te maken hebben met de invloed van multinationals binnen internationale fora, te verdoezelen. Echter, de eenzijdigheid van de redenering dat lobbyïsten van multinationals de democratie bedreigen, maakt het lastig de onderliggende problematiek over transparantie van lobby, met name door multinationals, serieus te bediscussiëren. De PVDA heeft onlangs een voorstel gedaan (wet of motie?) om aan te geven bij elk wetsvoorstel wie welke invloed op welk deel van de wet heeft gehad. Dat is erg verregaand en ik denk dat veel NGO’s daar, vanwege hun eigen onderhandelingspositie, ook moeite mee zouden hebben. In de VS moet je je als lobbyïst verplicht openbaar registreren als lobbyïst van een bepaald bedrijf of NGO. Dat zou al een goede stap zijn.

    [Reageer op deze reactie]

Vindt u deze bijdrage de moeite waard? Geef ons dan uw fair share.

Doe een donatie via Paypal

Neem een abonnement en blijf op de hoogte van alles wat er speelt in de ontwikkelingssector.

Klik hier voor een abonnement